Basis in de behandeling: leefstijladvies op maat

Leefstijlfactoren als overgewicht en te weinig lichaamsbeweging spelen een belangrijke rol in het ontstaan en de progressie van DM2. Het verbeteren van de leefstijl is de basis van de behandeling en blijft belangrijk tijdens het hele ziektebeloop. Geef leefstijladvies op maat volgens de NHG-Leefstijlmodules.

Adviseer de patiënt: gezond te eten, voldoende te bewegen, te stoppen met roken als hij rookt en een BMI tussen de 20 en 25 kg/m2 na te streven.

Voor onderdelen van leefstijlgerichte interventies kun worden samengewerkt binnen de keten met of doorverwezen worden naar diëtisten. (zie verwijscriteria). Buiten de keten kun je verwijzen naar een GLI-programma of een leefstijlcoach.


Zorgmodule Leefstijl Roken

Gedragsmatige ondersteuning bij Stoppen met Roken (SMR) volgens het zorgprogramma omvat:

  • Korte stopadviezen voor gedragsverandering. Huisartsen, medisch specialisten, klinisch psychologen en verloskundigen geven de adviezen als onderdeel van hun gebruikelijke zorgcontacten.
  • Intensieve vormen van begeleiding. Een serie van minimaal vier contacten van tenminste tien minuten in een periode van één tot enkele maanden. Deze vorm van begeleiding kan zowel individueel als groepsgewijs plaatsvinden. Huisarts en/of POH werken onder de registratie in het Kwaliteitsregister van het Partnerschip Stoppen met Roken.

Handige links:


Zorgmodule Leefstijl Voeding

Het onderdeel Leefstijl Voeding richt zich op gedragsverandering in het voedingspatroon van de patiënt. De huisarts en POH geven alle patiënten met DM2 een voedingsadvies volgens de meest recente Richtlijn Goede Voeding van de Gezondheidsraad en de NDF voedingsrichtlijn Diabetes. De patiënt wordt voor vervolgadvies en leefstijlbegeleiding naar een diëtist verwezen. (zie H. 6).

Handige links:


Zorgmodule Leefstijl Bewegen
Het onderdeel Leefstijl Bewegen richt zich op gedragsverandering met betrekking tot het beweeggedrag van de patiënt. Voordat het bewegingsprogramma start moet de huisarts bekijken of er geen (relatieve) contra-indicaties zijn voor bepaalde soorten inspanning. Omdat tijdens elke inspanning de bloedglucose daalt, adviseert de huisarts de patiënt volgens voorzorgsmaatregelen voor opvang van hypoglykemische verschijnselen.

De huisarts adviseert en stimuleert een lichamelijk actieve leefstijl die aansluit op de mogelijkheden, motivatie en dagelijkse routine van de patiënt. Gebruik van een stappenteller kan effectief zijn om de patiënt te motiveren meer te gaan bewegen. De voortgang met betrekking tot het beweeggedrag wordt besproken tijdens de (periodieke) controles.

Handige links:


Psychische problemen

Bij mensen met diabetes komt depressie twee keer zo vaak voor als bij andere mensen. Signaleren van een depressie is lastig. Wees alert op psychische problemen zoals stress, angst en depressie. De Instel-vragenlijst kan helpen bij een eerste screening op psychische problemen. De PAID-lijst is een specifieke depressiescreeningslijst voor mensen met diabetes. De totaalscore wordt berekend door de score van 0-4 op de 20 items te sommeren (range = 0-80).  Bij een score van 40 en hoger zijn er aanwijzingen voor ernstige diabetes gerelateerde distress.

Zo nodig wordt de patiënt voor evaluatie of behandeling van psychosociale factoren leidend tot bijvoorbeeld angst of depressie, buiten de keten, verwezen naar de POH-GGZ.

Handige links: