Longaanval

Een patiënt kan door allerlei oorzaken een longaanval krijgen. De longaanval moet direct behandeld worden. De POH en/of de huisarts leggen samen met de patiënt hernieuwde doelstellingen vast en geven voorlichting. Als het noodzakelijk is, overleggen de verschillende disciplines over het bijstellen van het Individueel Zorgplan. Een longaanval zorgt er meestal voor dat een COPD-patiënt minder actief wordt waardoor makkelijker recidieven ontstaan. Het is belangrijk dat de patiënt bij een longaanval direct actief blijft, aangepast aan zijn/haar mogelijkheden en niet pas na herstel van een longaanval. Daarnaast is het raadzaam om de patiënt in de stabiele fase te verwijzen naar de fysiotherapeut.

Voorlichting over longaanvallen bestaat minimaal uit de volgende onderdelen:

  • hoe kan de kans op een longaanval worden verkleind?
  • vroege onderkenning van de verschijnselen.
  • herkennen en voorkomen van een longaanval.
  • beschikbaarheid van “nood”-medicatie in de thuissituatie.
  • een actieplan hoe, wanneer en bij wie hulp in te schakelen, follow-up en evaluatie. Meer informatie staat in de brochure van het Longfonds of REDUX van de CAHAG.

Handige links: